English English

Zoeken

Terug naar overzicht

20.09.2011 | Signalerende aanbiedingsbrief 'Crop volunteers and climate change' (CGM/110920-02)

De COGEM heeft een onderzoek laten uitvoeren naar het effect van de verwachte klimaatverandering op de aanwezigheid van opslagplanten van aardappel, maïs en suikerbiet, zodat eventuele toekomstige veranderingen tijdig in haar overwegingen meegenomen kunnen worden.

De onderzoekers hebben een aantal factoren geïdentificeerd, die voor de overleving van aardappel, suikerbiet en maïs van belang zijn, zoals temperatuur en (bodem)vocht. Met behulp van de door het KNMI opgestelde klimaatscenario’s is gekeken hoe deze factoren in de toekomst zouden kunnen veranderen. Omdat dit voor sommige van de geïdentificeerde factoren niet duidelijk is, concluderen de onderzoekers dat het niet mogelijk is om een uitspraak te doen over het netto effect van de verwachte klimaatverandering op het voorkomen van opslagplanten in de toekomst.

De COGEM hanteert bij haar advisering over de milieurisico’s van gg-gewassen op dit moment een worst-case scenario met betrekking tot het optreden van opslagplanten. Dit betekent dat de COGEM zelfs bij gewassen waar opslagplanten niet of nauwelijks worden aangetroffen, rekening houdt met de mogelijke aanwezigheid van opslagplanten.
De COGEM is verder van mening dat er geen aanwijzingen zijn dat bij andere klimaatomstandigheden wilde maïs- of aardappelpopulaties in Nederland voor zouden kunnen gaan komen. Er zijn geen aanwijzingen dat het gewas suikerbiet kan gaan verwilderen, maar in Nederland komen wel onkruidbieten en de zeldzame wilde verwante soort voor (strandbiet), die beide met suikerbiet kunnen kruisen. De onderzoekers vinden het niet waarschijnlijk dat de strandbiet zich in de toekomst landinwaarts zal gaan verspreiden of dat onkruidbieten buiten de akker wilde populaties zullen gaan vormen. De COGEM onderschrijft deze conclusie, maar zal bij haar advisering over suikerbieten rekening blijven houden met de aanwezigheid van wilde kruisbare verwante soorten in Nederland. Dit betekent dat zij bij haar advisering ook zal analyseren of uitkruising van de in een gg-suikerbiet aanwezige transgenen naar de strandbiet of onkruidbieten tot milieurisico’s zou kunnen leiden.

De COGEM concludeert dat het op dit moment onzeker is hoe de verwachte klimaatverandering de overleving van aardappel, suikerbiet en maïs zal beïnvloeden. Eventuele veranderingen zullen zich over een langere periode afspelen. Op dit moment ziet de COGEM geen reden om de uitkomsten van haar eerdere risico-analyses te herzien. Wanneer er meer zicht is op de effecten van de verwachte klimaatverandering, zal de COGEM deze meenemen bij nieuwe risicoanalyses en indien nodig haar eerdere risicoanalyses herzien.