Een, twee of meerdere varianten van een gen. Allelen die coderen voor een specifieke eigenschap bevinden zich op dezelfde plaats op het chromosoom. Indien een gen meer dan twee allelen heeft, worden dit multiple allelen genoemd. Het gen voor het bloedgroeptype bestaat bijvoorbeeld uit drie allelen, namelijk de allelen voor bloedgroep A, B en O. De aanwezigheid van twee allelen op het chromosoom bepaalt het bloedgroeptype.